Contact

KPMG Plexus
Straatweg 68
3621 BR Breukelen
Routebeschrijving
 
Laan van Langerhuize 1
1186 DS Amstelveen
Routebeschrijving

T +31 (0)20 3010800
E info@kpmgplexus.nl

Contact formulier

De GGZ ontvlecht… en daar kunnen mooie dingen uit komen

juli 2011

Marjolein Oudshoorn, Senior Manager

Verslag Diner Pensant 17 mei 2011
 
Vijf zorginstellingen met een rijke historie, een zorgondernemer zonder historie, een early adopter (Frits Verschoor) die klaar is voor een nieuw spel, een investeerder (Jos Houben) die zelf ook zorgondernemer is, de Rabobank en Plexus. Kortom, voldoende ingrediënten voor een interessante avond.
 
Wat is ontvlechting?
Aanbieders, inkopers en beleidsmakers zijn actief op zoek naar betere inrichtings-modellen voor de GGZ en de instellingen zelf. Een voorbeeld is ontvlechting langs de as van doelgroepen, waaruit gespecialiseerde eenheden ontstaan. Daar heb je diverse smaken van, zoals landelijke  franchises (bv. PsyQ), lokale/regionale netwerken (soms met een hoofdaannemer), of een top-specialistisch centrum met satellieten (bv. academisch model). Ook ontvlechting langs andere assen kan nuttig zijn, bijvoorbeeld naar dure of complexe capaciteit zoals crisis-voorzieningen of het apart zetten van zorgvastgoed. In elk geval leidt ontvlechting bijna altijd direct tot een vervolgvraag: is het nuttig de gespecialiseerde eenheden op een andere wijze weer samen te voegen en centraal aan te sturen, en hoe dan?
 
Frits Verschoor: “Van wrijving komt glans”
Frits Verschoor trapt af. Hij leidt ons door een paar jaar Parnassia Bavo Groep heen, waarin de organisatie zich voorbereidde om soepel eenheden te kunnen samenvoegen en loskoppelen, al naar gelang de behoefte van de markt, de organisatie of de financierder. Dit heeft als resultaat dat de organisatie-eenheden onafhankelijk van elkaar investeerders kunnen toelaten. Maar er is meer bereikt: de organisatie is zich meer bewust van de noodzaak de ‘eigen broek op te houden’ en is de time to market korter dan daarvoor. Bijkomend effect van de holding-vorming is de verdere professionalisering van de backoffice. Dit is niet zonder slag of stoot gegaan, maar zoals Verschoor zegt: “van wrijving komt glans”.
 
Joost Kruytzer:
De tweede spreker is Joost Kruytzer, partner bij Plexus. Kruytzer benadrukt dat ontvlechting niet alleen als een structuur-vraag moet worden gezien. Bepalende factor is de visie op “wat is goede zorg” en “hoe lever ik die het beste”. Vanuit die visie bepaal je welk gedrag en vaardigheid in je organisatie thuishoort en welke structuren nodig zijn (organisatie, systemen, processen). Idealiter is die visie gestoeld op evidence, maar vaak is er geen evidence. Waar deze lacune niet wordt ingevuld door “klinisch leiderschap” (professionals die richting geven) zie je dat instellingen voornamelijk worden geleid vanuit bedrijfsmatige gronden. Efficiëntie, marktmacht en financiële robuustheid zijn dan bepalend voor de structuur, ondersteund door een “harde” planning & control cyclus. De zorginhoud (datgene wat uiteindelijk de toegevoegde waarde van de instelling creëert!) geeft weinig richting en kwaliteitsmanagement is onderontwikkeld of blijft hangen in “zachte” sturing. De oplossing? Door stevig klinisch leiderschap op te bouwen (dat inhoud en bedrijfsvoering combineert) en continu op zoek te gaan naar de nieuwste evidence brengt een organisatie zichzelf weer in evenwicht, en creëert direct een visie die richting geeft aan haar structuur en (mogelijke) ontvlechting.

André Vermeulen: “Follow the cash-flow”André Vermeulen, Senior Sectorspecialist Zorg bij de Rabobank licht toe hoe zijn organisatie aankijkt tegen ontvlechting. Door ontvlechting ontstaat er weer focus op een gesegmenteerd deel van het primaire proces of op een ondersteunende dienst. Deze focus op een doelgroep of een (deel)proces beïnvloedt de financierbaarheid in positieve zin. Er ontstaat vaak een heldere strategie, met een heldere doelgroep en omdat de ontvangsten van de instelling steeds meer verbonden zijn aan de cliënt, kunnen banken een duidelijker oordeel over de cash-flow formuleren; Follow the cash-flow.
Door ontvlechting in een afzonderlijke juridische entiteit ontstaan er daarnaast ook mogelijkheden om externe partijen in de nieuwe entiteit te betrekken. Zij brengen vaak kennis, volume (bijv. bij ondersteunende diensten) of kapitaal met zich mee. Er zijn diverse kapitaalverschaffers geïnteresseerd om in joint-ventures hun kapitaal in te brengen. Ook dit verbetert de financierbaarheid en door de samenwerking in de joint venture verbetert uw rendementsperspectief. Kortom ontvlechting biedt kansen!
 
Wel dient de financierbaarheid een dergelijke nieuwe entiteit in beginsel op basis van haar eigen businesscase beoordeeld te worden. Met het oordeel van de bank weet u als instelling ook wel risico u eventueel aangaat.
 
Jos Houben: “Een dienst moet ieder jaar beter en goedkoper kunnen”
Jos Houben, investeerder in de zorg (onder meer via Holland Venture) en aandeelhouder van onder meer Mentaal Beter en Innohealth, sluit de rij van sprekers door de GGZ met een verwarmingsketel te vergelijken. “Als ik ieder jaar een verwarmingsketel koop, is hij ieder jaar weer een stukje lichter, beter en goedkoper. Dienstverleners door alle sectoren heen worden jaar in, jaar uit door de markt gedwongen diensten goedkoper en beter te maken. Het verhogen van de arbeidsproductiviteit is tot sport verheven. Waarom niet in de zorg?”. Houben beaamt het concept van Kruytzer, waarin structuur niet los staat, maar waarin visie en gedrag minstens net zo belangrijk zijn. Als voorbeeld van verandering van gedrag noemt hij outcome measurement: binnen Mentaal Beter is het “vier ogen Principe” en “Peer reviews” een gemeengoed. Zijn waarschuwing is dat de hoeveelheid kapitaal die door banken en zorgverzekeraars aan de sector wordt geleend en/of bevoorschot, zowel fors zal teruglopen alsmede duurder zal worden; de sector moet zich zelf aanvallen en goedkoper en met minder kapitaal moeten werken. Private investeerders kunnen dit proces met vreemde ogen ondersteunen.

De avond eindigt met een discussie over het nut en de noodzaak van grote zorginstellingen. Blijven deze bestaan? En zo ja, hoeveel? Bij gebrek aan evidence voor een superieur model lopen de visies behoorlijk uiteen: waarschijnlijk een goede indicator van de te verwachten diversiteit in ontwikkeling van het ggz landschap de komende jaren.
 

Al met al een inspirerende avond over een onderwerp waar het laatste woord nog niet over is gesproken.


Legal | Privacy Algemene voorwaarden | KPMG MKB Online | Alumni | Sitemap

© 2011 KPMG N.V., registered with the trade register in the Netherlands under number 34153857, is a subsidiary of KPMG Europe LLP and a member
firm of the KPMG network of independent member firms affiliated with KPMG International Cooperative ('KPMG International'), a Swiss entity.
All rights reserved.

KPMG International Cooperative ('KPMG International') is a Swiss entity. Member firms of the KPMG network of independent firms are affiliated with
KPMG International. KPMG International provides no client services. No member firm has any authority to obligate or bind KPMG International or any other
member firm vis-à-vis third parties, nor does KPMG International have any such authority to obligate or bind any member firm.