Maandag 18 oktober 2010 – Het Financieele Dagblad
De aangekondigde fusie tussen zorgverzekeraars Achmea en De Friesland heeft veel reacties losgemaakt. De constatering dat De Friesland zijn zelfstandigheid de komende jaren niet zou kunnen behouden, komt hard aan in het veld.
De Friesland is met 500.000 verzekerden een grote speler in het slinkende legioen van de kleine verzekeraars. Als De Friesland de conclusie trekt dat de tijd rijp is voor een fusie, zegt dat veel over de toekomst van de kleine verzekeraars. Geen wonder dat de reacties heftig zijn.
Is het opgaan van De Friesland in het Achmea-concern een bedreiging voor de marktwerking en de keuzevrijheid in de zorg? Blijft er niets meer te kiezen over, zoals de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie NPCF vreest, en vormen de paar groten die we overhouden een te machtig oligopolie?
Het antwoord is nee. Ons zorgstelsel is wereldberoemd vanwege de ‘ex-ante’-risicoverevening. Deze maakt mogelijk dat verzekeraars oude of zieke verzekerden niet mogen weigeren of meer betalen. Voor deze verzekerden met een hoog risico ontvangen verzekeraars meer geld. De middelen toedeling is op basis van verwacht gebruik. Als de zorgverzekeraar door goede zorginkoop het zorggebruik daadwerkelijk laag houdt, dan kan hij zijn verzekerden een lage premie bieden.
Ook achteraf (ex-post) wordt gecompenseerd, omdat zorgverzekeraars soms beperkte invloed hebben op zorgkosten. De ex-anteverevening is nooit perfect, en op veel plaatsen in de zorg wordt nog met vaste prijzen of budgetten gewerkt. Het regeerakkoord wil echter - in lijn met met het lopende beleid - de ex-post-compensaties beëindigen. Dit is goed nieuws: de ex-post-compensaties zijn een groot obstakel in het goed functioneren van het nieuwe zorgstelsel. Zorgverzekeraars hebben nu geen financiële prikkel om de zorg anders te organiseren. Investeren in de eerste lijn (100% risicodragend) om kosten in de tweede lijn later te voorkomen is zakelijk gezien in de meeste gevallen onverstandig. Waarom investeren in preventie van hart- en vaatziekten als de hogere kosten die met een hartinfarct gepaard gaan toch nauwelijks worden gevoeld? Waarom kritisch kijken naar bouwplannen van ziekenhuizen als deze kosten worden gecompenseerd?
Door het reduceren van de ex-post-compensatie wordt het veel belangrijker de zorg scherp in te gaan kopen. Het speelkwartier is voorbij en het stelsel kan gaan doen waar het voor was bedoeld. Dat dit positieve effecten kan hebben blijkt uit de verbetering van de kosten-kwaliteitsratio in de farmaceutische zorg, waar zorgverzekeraars al wel volledig risicodragend zijn. De doelmatigheidswinsten die met name in de ziekenhuis- en de tweedelijns geestelijke gezondheidszorg te vinden zijn, komen alleen boven water als zorgverzekeraars echt gaan sturen op kosten en kwaliteit.
De prijs hiervan is dat de wereld voor kleine, zelfstandige zorgverzekeraars te onvoorspelbaar wordt. Zonder ex-post-compensatie kun je met een risicopool van enkele honderdduizenden verzekerden niet voortbestaan. Is dat een verlies aan keuze? Nee, de vier tot vijf grote zorgverzekeraars die er straks overblijven zullen allemaal meerdere labels in de markt zetten. Keuze genoeg voor effectieve concurrentie die een verschil kan maken. Achmea zal het ook over vijf jaar wel laten om het label ‘De Friesland’ te schrappen zolang dat regionaal een bovengemiddelde aantrekkingskracht heeft. Dat het in de ‘backoffice’ een zelfde moederconcern is biedt de consument uiteindelijk alleen meer zekerheid. Een geringe prijs voor het beste middel om de zorg duurzaam toegankelijk en betaalbaar te laten zijn.
Marc Berg is arts, voormalig hoogleraar sociaal medische wetenschappen en partner bij zorgadviesbureau Plexus.